Klaar om de stad weer in te gaan

Geurt Brinkgreve in de Bloedstraat van Hans ’t Mannetje

standbeelden Hans ’t Mannetje Foto: Lida Goede

Wat staat Geurt Brinkgreve er opgeruimd bij op de hoek van de Oudezijds Achterburgwal en de Bloedstraat. Baret op het hoofd, handen in de zakken, lekker warm aangekleed. Klaar om weer de stad in te wandelen. De gevelsteen is van Hans 't Mannetje (1944), die inmiddels al meer dan tweehonderd van die stenen heeft gehouwen, sieraden stuk voor stuk, en die er best nog een paar bij kan maken. Hij is te consulteren in Zutphen, waar hij nu woont en werkt.

Deze steen nou ja, het is veel meer dan dat, maakte hij op initiatief van een vriendengroep rond Brinkgreve ('t Mannetje hoorde daar zelf ook toe) in 1982. Een mooi cadeau op diens 65ste verjaardag, aangebracht op Brinkgreves atelier (hij was beeldhouwer en medailleur). 'Restauro' staat erop, ik restaureer, want hij was vooral bekend door zijn activiteiten als monumenten- en stadsbeschermer en restauratiespecialist.

Nu kijkt hij uit op een beetje een rotzooitje, een lantaarn, een verkeersbord, en dat is hem vertrouwd, want troep zag hij in de jaren vijftig ook om zich heen. Hij maakte zich druk om de binnenstad. Hij richtte de Maatschappij tot Stadsherstel op, de stichting Diogenes en nog heel wat andere clubs, die samen honderden panden van sloop hebben gered. En dat in een tijd dat slopen een bestuurdershobby was.

Hij was vanaf 1958 lid van de gemeenteraad en die verliet hij boos in 1966 omdat de raad toestemming gaf voor de bouw van een nogal lelijk bankgebouw in de Vijzelstraat. Met graagte citeerde Brinkgreve Multatuli: 'Ik heb veel landen bezocht, en beijverde mij overal acht te geven op de publieke zaak. Welnu, ik verklaar nergens zulke totale absentie van plichtsbesef, nergens zo'n walgelijke onbekwaamheid te hebben aangetroffen als bij 't bestuur der stad Amsterdam.'

Bij zijn dood, in 2005, was het tij rond de sloop gekeerd en de autoriteit van Brinkgreve gevestigd. Geert Mak had het over 'een kunstenaar, dromer, minnaar en realist, een groot, zeer groot burger van deze stad'. "Vol visies op beschaving en burgerschap, vol eeuwige liefde voor Amsterdam." Max van Rooy schreef in NRC: 'Geurt Brinkgreve deed het in zijn eentje, met blote handen.' En architectuurhistoricus Vincent van Rossem noemde hem een visionair.

Onder zijn leiding was ook het pand van kunstenaarssociëteit Arti gered en gerenoveerd en daarbij gingen wat elementen verloren. Brinkgreve: "Wanneer nu jeugdige monumentenzorgambtenaren mij ernstig komen vertellen dat 'volgens huidige opvattingen negentiende-eeuwse verbouwingen gerespecteerd moeten worden', dan moet ik denken aan het spreekwoord: je hoeft je vader niet te vertellen hoe je een kind verwekt."

Zonder Brinkgreve hadden we hier geen werelderfgoed gehad.

Hij stierf uitgerekend in Arti. "Geurt is dood!" riep een verbijsterde bezoeker. "Hij was een held," klonk het daarop. Dat was misschien een beetje pathetisch, maar het was wel waar.

12 augustus 2010

Streetview